Paragraaf 1 Lokale heffingen

1. Wat is het doel van deze paragraaf?

Terug naar navigatie - Paragraaf 1 Lokale heffingen - 1. Wat is het doel van deze paragraaf?

Het totale pakket van gemeentelijke belastingen en heffingen bestaat uit een tiental verschillende belastingen, heffingen en rechten die worden gelegitimeerd door een belastingverordening die door de gemeenteraad is vastgesteld.

Deze paragraaf geeft een overzicht op hoofdlijnen van deze heffingen die bij de diverse programma’s in de programmabegroting zijn geraamd. In het kort geven we aan welk beleid we in het begrotingsjaar gaan voeren ten aanzien van de lokale heffingen. Het lokale beleid is vastgesteld in de belastingverordeningen. Verder is een overzicht opgenomen van de geraamde opbrengsten, wordt aandacht besteed aan de lokale belastingdruk en aan het kwijtscheldingsbeleid.

2. Wettelijk kader en gemeentelijk kader

Terug naar navigatie - Paragraaf 1 Lokale heffingen - 2. Wettelijk kader en gemeentelijk kader

Ten aanzien van de heffingen onderscheidt de wet drie soorten:

  • Belastingen: gedwongen betalingen aan de overheid waar geen rechtstreekse contraprestatie van de overheid tegenover staat. Ze kunnen aan een brede of specifieke doelgroep in rekening worden gebracht.
  • Bestemmingsheffingen: deze dienen ter bestrijding van specifieke kosten. Voorbeelden zijn de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Deze heffingen mogen niet meer dan kostendekkend zijn.
  • Rechten: een betaling waar een direct aanwijsbare contraprestatie van de overheid tegenover staat. Deze contraprestatie kan bestaan uit een product of dienst. Onderscheid kan worden gemaakt in onder meer gebruiksrechten (bijvoorbeeld haven- of marktgelden) en genotsrechten (waaronder leges). De hoogten van sommige rechten zijn landelijk bepaald. Verder geldt dat deze maximaal kostendekkend mogen zijn.

Naast het landelijk beleid is het volgende gemeentelijk beleid geformuleerd:

  • De tarieven 2027 zijn berekend binnen de uitgangspunten van de Kadernota 2027-2030, zoals een indexering van de tarieven met 4,1%. De parkeertarieven zijn hierop een uitzondering en worden niet geïndexeerd.
  • Het coalitieakkoord bevat op het terrein van de lokale lasten een aantal ambities die de komende jaren richtinggevend zijn en in de kadernota 2028 verder worden geduid. Het coalitieakkoord neemt bijvoorbeeld als uitgangspunt dat de OZB in deze bestuursperiode niet wordt verhoogd, ook niet met inflatiecorrectie. De in deze begroting 2027-2030 opgenomen indexering van 4,1% van de OZB komt dan ook uit de vastgestelde Kadernota 2027-2030.  
  • Conform het coalitieakkoord wordt in 2027 onderzocht of een OZB-egalisatiereserve kan worden ingesteld. Hierbij wordt bekeken of eventuele meeropbrengsten ten opzichte van de geraamde OZB-opbrengst kunnen worden gereserveerd en in een daaropvolgend begrotingsjaar kunnen worden ingezet ter beperking van de OZB-opbrengst.
  • De bestemmingsheffingen en rechten zijn in principe 100% kostendekkend. Dat is niet altijd het geval omdat er bijvoorbeeld wettelijke voorschriften zijn (wettelijke tarieven). De opbrengsten/heffingen worden in 2027 ten opzichte van 2026 verhoogd met 4,1% (indexering). Uitgezonderd: rioolrechten verhoging met 7,6% (3,5% waterbeleidsplan en 4,1% index).
  • Kwijtscheldingsbeleid. Voor de OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing kan kwijtschelding worden verleend aan personen (niet aan bedrijven). De gemeente Woerden hanteert voor kwijtschelding de norm die door het Rijk gegeven wordt aan de gemeenten: 100% van de norm voor de bijstand. Bij een norm onder de 100% is er sprake van strenger beleid. In het coalitieakkoord is opgenomen dat wordt onderzocht hoe het gemeentelijke kwijtscheldingsbeleid voor lokale belastingen en heffingen rechtvaardig kan worden ingericht, met nadrukkelijk aandacht voor de mogelijkheden om maatwerk toe te passen in plaats van automatisch in alle gevallen tot volledige kwijtschelding over te gaan. Daarbij is er altijd oog voor de individuele situatie van inwoners. Voor 2027 is, in afwachting van het onderzoek, het bestaande beleid ongewijzigd voortgezet.

Kruissubsidiëring houdt in dat de legestarieven voor sommige diensten hoger worden gesteld ten einde de legestarieven voor andere diensten lager te kunnen houden. Omdat er geen heffingen zijn waarbij de opbrengsten hoger liggen dan de kosten is er geen sprake van kruissubsidiëring tussen verschillende soorten heffingen.

Op basis van de Notitie Overhead van de commissie BBV mag de methodiek voor het toerekenen van overhead aan lokale heffingen en rechten niet afwijken van de overige methodieken voor het toerekenen van overhead aan overige taakvelden van de begroting. Op basis van een afweging tussen een zo zuiver mogelijke toerekening en praktische uitvoerbaarheid hebben wij ervoor gekozen om de overheadkosten te verdelen op basis van de loonkosten (exclusief inhuur) van de niet-overhead posten. Dit resulteert in een opslagpercentage op de loonkosten van 60% voor overhead.

Geraamde opbrengsten

Terug naar navigatie - Paragraaf 1 Lokale heffingen - Geraamde opbrengsten
Belastingen en heffingen Baten Baten Baten
(Bedragen x € 1.000) begroting begroting rekening
2027 na wijz.2026 2025
A. Belastingen
1 Eigenaren woningen 12.663 12.073 11.110
Eigenaren niet-woningen 4.755 4.475 4.106
Gebruikers niet-woningen 3.029 2.930 2.575
2 Parkeerbelasting 2.915 2.568 2.598
4 Precariobelasting 157 151 212
5 Toeristenbelasting 238 229 224
Subtotaal A Belastingen 23.757 22.426 20.825
B . Bestemmingsheffingen
1 Afvalstoffenheffing 7.654 7.328 7.107
2 Rioolheffing 9.459 8.822 8.245
Subtotaal B Bestemmingsheffingen 17.113 16.150 15.352
C. Rechten
1 Leges burgerzaken 1.142 969 1.358
2 Begrafenisrechten 898 862 1.044
3 Marktgelden 127 158 128
4 Havengelden 72 72 73
5 Omgevingsvergunningen 1.923 1.795 1.332
Subtotaal C Rechten 4.162 3.856 3.935
Totaal € 45.032 € 42.432 € 40.112

Lokale lastendruk

Terug naar navigatie - Paragraaf 1 Lokale heffingen - Lokale lastendruk

De lokale lastendruk geeft voor de belangrijkste tarieven weer wat een inwoner van de gemeente betaalt en hoe deze tarieven zich het afgelopen jaar hebben ontwikkeld. De bedragen zijn gebaseerd op een fictief huishouden in een koopwoning met een waarde voor het belastingjaar 2026 van € 569.000 en voor 2027 van € 594.000 (4,5% waardestijging). Dit is inclusief de teruggave afvalstoffenheffing en gerekend met de indexeringspercentages.

2027 2027 2026 (*) 2026 (*)
1-persoons meerpersoons 1-persoons meerpersoons
1 OZB 625 625 600 600
2 Rioolheffing 363 363 336 336
3 Afvalstoffenheffing 300 375 288 360
Totaal € 1.288 € 1.363 € 1.224 € 1.296
(*) In de tabel is gerekend met de vastgestelde tarieven conform de Belastingsverordening

A. Belastingen

Terug naar navigatie - Paragraaf 1 Lokale heffingen - A. Belastingen

 Ad 1 OZB                

In onderstaande tabel zijn de OZB-tarieven 2026 en 2027 opgenomen. De tarieven voor 2027 worden geheven als percentage van de getaxeerde waarde van woningen en niet-woningen, met als waardepeildatum 1 januari 2026. Op basis van de huidige prognoses wordt uitgegaan van een gemiddelde waardestijging van 4,5% voor woningen en 2,5% voor niet-woningen. De in de Programmabegroting 2027-2030 opgenomen OZB-tarieven zijn berekend op basis van de uitgangspunten uit de Kadernota 2027. Daarbij is rekening gehouden met een inflatiecorrectie van 4,1%, de ontwikkeling van de WOZ-waarden en de opbrengstontwikkeling als gevolg van areaaluitbreiding. In het coalitieakkoord 2026-2030 is echter als uitgangspunt opgenomen dat de OZB gedurende deze bestuursperiode niet wordt verhoogd, ook niet door middel van een inflatiecorrectie. De in deze begroting opgenomen indexering van 4,1% vloeit daarmee voort uit de eerder vastgestelde Kadernota 2027 en nog niet uit de nieuwe bestuurlijke keuzes van het college.

Voor de berekening van de tarieven is uitgegaan van de verwachte werkelijke OZB-opbrengst in 2026 en niet van de begrote opbrengst 2026. Hierdoor neemt de totale geraamde opbrengst sterker toe dan uitsluitend op basis van de indexering van 4,1% zou worden verwacht.

De werkelijke OZB-opbrengst kan uiteindelijk afwijken van de begrote opbrengst door:                
                
- Waardeontwikkeling van de onroerende zaken.            
- Te verwachten minder- en meeropbrengsten van respectievelijk sloop en nieuwbouw.               
- Waardevermindering als gevolg van bezwaar- en beroepsprocedures.               
- Toename van het aantal ‘No Cure No Pay’-bezwaren en de kostenvergoeding hiervan.            
- Leegstand van de bedrijven.                
                
In december worden de OZB-tarieven definitief vastgesteld door de raad, deze kunnen daarom afwijken van de tarieven zoals hieronder opgenomen.                   

Tarief OZB Begroting Begroting Rekening
2027 2026 2025
1 Woningen
a Eigenaren 0,1053% 0,1085% 0,1162%
2 Niet-woningen
a Eigenaren 0,3926% 0,3854% 0,3823%
b Gebruikers 0,2980% 0,2866% 0,2786%

Opbrengst OZB:

De opbrengsten voor de OZB worden in 2027 met 4,1% index verhoogd ten opzichte van de werkelijk gerealiseerde opbrengsten. Daarbij is rekening gehouden met een inflatiepercentage van 4,1%, de ontwikkeling van de WOZ-waarden en de opbrengstontwikkeling als gevolg van areaaluitbreiding.

Taak- Omschrijving Begroting Begroting Rekening
veld (Bedragen x € 1.000) 2027 2026 na wijz 2025
0.61 Eigenaren woningen 12.663 12.073 11.685
0.62 Eigenaren niet-woningen 4.755 4.475 4.426
0.62 Gebruikers niet-woningen 3.029 2.930 2.819
Totaal € 20.447 € 19.478 € 18.930

Ad 2 Parkeerbelasting

Volgend jaar blijven de parkeertarieven ongewijzigd ten opzichte van 2026. In de Kadernota 2026 is opgenomen dat in 2027 geen index wordt doorgevoerd op de parkeertarieven. 2026 is het eerste jaar dat de scanauto volledig operationeel is. Door de invoering van de scanauto zijn de inkomsten van naheffingen fors gestegen en stijgt daarmee ook de kostendekkendheid van parkeren. Daarbij moet worden aangemerkt dat bijvoorbeeld de verwachte investeringen in brandveiligheid van de openbare parkeergarages Castellum en Defensie-eiland nog niet zijn verwerkt in de parkeerkosten. Na realisatie van deze investeringen worden de bijbehorende kapitaallasten onderdeel van de kosten. Dit leidt, bij gelijkblijvende opbrengsten, tot een lagere kostendekkendheid.

Alle parkeertarieven worden opgenomen in de tarieventabel behorende bij de verordening parkeerbelasting 2027.

Straatparkeren
De tarieven voor het parkeren op straat worden volgend jaar niet geïndexeerd. Daarmee blijven de volgende afgeronde tarieven gelden voor het kortparkeren: voor de zones 4400, 4401 en 4404 een tarief van € 3,20 per uur. Voor de zone 4403 een tarief van € 6,20 per uur met een maximum van € 24,80 per dag. Voor bezoekers van bewoners en bedrijven wordt het tarief € 0,32 per uur. Per zone verschilt de maximale parkeerduur en kunnen er overige beperkingen van toepassing zijn. Dit wordt aangegeven op de website van ParkeerService, in de parkeerautomaat en in de apps voor belparkeren.


Bij de inkomsten is het effect dat 2026 het eerste jaar is dat de scanauto volledig operationeel is. Door de invoering van de scanauto zijn de inkomsten van naheffingen fors gestegen. Deze zijn in de begroting van 2027 verwerkt op basis van de resultaten in de halfjaarcijfers van 2026, het aantal te verwachten in 2027 en het tarief in 2027.

Het maximale bedrag voor een naheffingsaanslag is door het Rijk vastgesteld op € 84,30. De gemeentelijk kosten komen voor 2027 uit op € 89,45. Indien deze kosten hoger liggen dan het door het vastgestelde bedrag van het Rijk, dan wordt deze laatste aangehouden. De berekening wordt vastgelegd in een kostenbesluit, dat als bijlage aan de parkeerbelastingverordening 2027 wordt toegevoegd.

Garageparkeren
Ook de tarieven voor het parkeren in de openbare parkeergarages Castellum en Defensie-Eiland blijven volgend jaar onveranderd. Er gelden de volgende afgeronde tarieven voor het kortparkeren: het reguliere uurtarief blijft € 2,50 per uur. Het voordeliger uurtarief blijft € 1,25 per uur. Alle uurtarieven worden afgerekend per minuut. In de parkeergarages geldt van maandag tot en met zaterdag tussen 8:00 en 18:30 uur het reguliere uurtarief. Van maandag tot en met donderdag geldt tussen 22:00 en 00:00 uur het voordeliger uurtarief. Buiten deze uren is het parkeren in onze parkeergarages gratis. De tarieven voor het kortparkeren in de parkeergarages blijven ruimschoots lager dan op straat. Ook mogen parkeerders er langer staan. Hiermee moedigen we het parkeren in de parkeergarages aan. 

Taak- Omschrijving Begroting Begroting Rekening
veld (Bedragen x € 1.000) 2027 2026 2025
2.2 Parkeren 2.088 1.861 1.844
0.4 Overhead 100 100 128
Extracomptabel:
Onderhoud parkeerplaatsen op straat 47 44 44
Kapitaallasten vervroegd afgeschreven deel Castellum 318 318 318
Totale lasten 2.553 2.323 2.334
0.63 Baten 2.915 2.568 2.598
Saldo € 362 € 245 € 264
Kostendekkendheidsgraad 114% 111% 111%
NB: bovenstaande is nog exclusief de kapitaallasten (119 k) van de brandveiligheidsmaatregelen in
de openbare parkeergarages Castellum en Defensie-eiland totaal investering 1,4 miljoen.

Ad 3 Precariobelasting
Onder de naam precariobelasting wordt een directe belasting geheven ter zake van het hebben van voorwerpen onder, op of boven de voor openbare dienst bestemde gemeentegrond. Ook terrassen vallen hieronder.

Taak- Omschrijving Begroting Begroting Rekening
veld (Bedragen x € 1.000) 2027 2026 2025
0.64 Baten € 157 € 151 € 212

Ad 4 Toeristenbelasting
Onder de naam toeristenbelasting wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook, door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente zijn ingeschreven in de basisregistratie personen.

Taak- Omschrijving Begroting Begroting Rekening
veld (Bedragen x € 1.000) 2027 2026 2025
3.4 Baten € 238 € 229 € 224

De opbrengst toeristenbelasting is met 4,1% verhoogd.

B. Bestemmingsheffingen

Terug naar navigatie - Paragraaf 1 Lokale heffingen - B. Bestemmingsheffingen

Ad 1 Afvalstoffenheffing
Voor de bestrijding van de kosten die samenhangen met het inzamelen en verwerken van afval is de gemeente bevoegd om de gemaakte kosten te verhalen. Voor het huishoudelijk afval (afval dat ontstaat vanuit particuliere huishoudens) wordt afvalstoffenheffing geheven.

Onderstaande tabel geeft een overzicht van baten en lasten afvalstoffenheffing en reinigingsrechten.
Het uitgangspunt bij het vaststellen van de tarieven is dat het tarief voor eenpersoonshuishoudens circa 80% bedraagt van het tarief voor meerpersoonshuishoudens. Dit percentage kan enigszins afwijken. De reinigingsrechten zijn van toepassing op bedrijven die in de binnenstad zijn gevestigd en hun afval aanbieden aan de gemeente via vuilcontainers. Deze tarieven zijn exclusief btw.

Wanneer de baten hoger zijn dan de lasten, wordt het meerdere gestort in de Voorziening afvalstoffenheffing.

Taak- Omschrijving Begroting Begroting Rekening
veld (Bedragen x € 1.000) 2027 2026 2025
Lasten
7.3 Afval 6.102 5.822 6.279
2.1 Verkeer en vervoer 223 287 212
0.4 Overhead 1.162 1.008 878
Kwijtscheldingen 260 214 261
btw-lasten te verhalen op btw-comp.fonds expl.+invest. 898 879 938
Storting +/Onttrekking - in voorziening afvalstoffenheffing -2 34 -270
Totale lasten 8.643 8.244 8.298
7.3 Afvalstoffenheffing inclusief teruggave 7.654 7.328 7.107
7.3 Bijdrage Oudewater in de exploitatielasten 153 0 0
7.3 Overige baten 836 916 1.191
Baten 8.643 8.244 8.298
Saldo € 0 € 0 € 0
Kostendekkendheidsgraad 100% 100% 100%

Dit resulteert in de volgende mutaties van de voorziening Afvalstoffenheffing:
(stand per 1-1-2026 €  503k)

Jaar Storting / Onttrekking Bedrag (x € 1.000)
2026 storting € 34
2027 onttrekking €  2
2028 onttrekking €  175
2029 onttrekking €  236

De hoogte van de lasten en baten is gebaseerd op de inzichten die medio 2026 beschikbaar waren. We volgen de actuele ontwikkelingen nauwgezet en sturen bij waar nodig. De markt kent momenteel veel onzekerheden aan de lastenkant, zoals inhuurkosten en de tarieven van afvalverwerkers.

De genoemde bedragen zijn indicatief, aangezien diverse componenten nog niet exact bekend zijn. Denk hierbij aan de teruggave van de afvalstoffenheffing (afhankelijk van het aantal keren dat huisvuil is aangeboden) en de bijdrage vanuit het Afvalfonds. Ook schommelingen in verwerkingstarieven hebben invloed op de uiteindelijke cijfers.

Aan de batenzijde zien we een stijging, mede door de groei van het aantal huishoudens en een tariefverhoging. De baten nemen toe conform een indexering van 4,1%. We streven ernaar een redelijke voorziening aan te houden om eventuele tegenvallers op te vangen en de tarieven zo stabiel mogelijk te houden.

Het positieve saldo tussen baten en lasten binnen het product Afval en Reiniging wordt toegevoegd aan de voorziening, die tot een maximum wordt aangehouden. Bij structurele onttrekkingen uit deze voorziening richten we ons primair op kostenreductie door optimalisatie van de bedrijfsvoering. Zo voorkomen we een buitensporige stijging van de tarieven. Denk hierbij aan maatregelen zoals routeoptimalisatie, het verminderen van afhankelijkheid van externe inhuur en het benutten van schaalvoordelen. Een concreet voorbeeld hiervan is de uitbreiding van de inzameling naar de gemeente Oudewater per 1 januari 2027.

Teruggaaf van de afvalstoffenheffing
Indien de belastingplichtige de mini-container voor restafval minder dan 14 keer aan de inzameldienst heeft aangeboden of de verzamelcontainer minder dan 66 keer heeft geopend, bestaat aanspraak op gedeeltelijke teruggaaf van de afvalstoffenheffing. De bedragen met betrekking tot de teruggaaf afvalstoffenheffing staan vermeld in de Verordening Afvalstoffenheffing.

Ad 2: Rioolheffing

Uit de rioolheffing bekostigt de gemeente de uitvoering van de drie gemeentelijke watertaken:
1.    Het inzamelen en transporteren van stedelijk afvalwater;
2.    Het inzamelen, transporteren en verwerken van hemelwater;
3.    Het zorgdragen van grondwater om structureel nadelige gevolgen zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. 

In 2027 verhogen we de water- en rioolheffing. Dit is nodig omdat we de riolering op veel plekken binnen de gemeente gaan vervangen. Daarnaast nemen we maatregelen om wateroverlast te verminderen, waterkwaliteit te verbeteren, grip te krijgen op bodemdaling, onze stad te verkoelen en droogte tegen te gaan. We nemen deze maatregelen om te voldoen aan onze doelstelling: "In 2050 is Woerden een klimaatbestendige gemeente". Meer informatie over de doelstellingen en uit te voeren maatregelen is te vinden in het beleidsplan Gemeentelijk Water & Klimaatbestendig (2023-2027). 

De water- en rioolheffing stijgt in 2027 met 7,6% inclusief inflatiecorrectie (4,1% index en 3,5% conform het vastgestelde beleidsplan).

In onderstaande tabel is  een overzicht van de kosten en baten van de rioolbegroting opgenomen.

Taak- Omschrijving Begroting Begroting Rekening
veld (Bedragen x € 1.000) 2027 2026 2025
Lasten
7.2 Riolering 5.346 5.336 4.848
2.1 Verkeer en vervoer 223 287 212
2.4 Economische havens en waterwegen 647 647 284
0.4 Overhead 534 416 467
Kwijtscheldingen 267 227 267
btw-lasten te verhalen op btw-compensatiefonds 1.042 1.029 740
Storting+/Onttrekking - in voorziening rioolheffing 1.432 911 1.530
Totale lasten 9.491 8.853 8.348
7.2 Doorberekende kosten huisaansluitingen 32 32 94
7.2 Doorberekende schade en kosten 0 0 9
7.2 Rioolretributies 9.459 8.822 8.245
7.2 Baten 9.491 8.854 8.348
Saldo (=mutatie reserve;- min = onttrekking) € 0 € 0 € 0
Kostendekkendheidsgraad 100% 100% 100%

De lasten nemen toe door de hogere extracomptabele doorbelastingen conform de BBV en de financiële verordening. Dit betreft met name de hogere doorbelasting van de btw op baggeren en de kwijtscheldingen.  De baten stijgen conform het in 2022  vastgestelde GWK (Gemeentelijk Water en Klimaatbestendig) met 3,5% naast de index van  4,1%. 

Dit resulteert in de volgende mutaties van de Voorziening riolering:
(stand per 1-1-2026 € 4.775K)

Jaar Storting / Onttrekking Bedrag (x € 1.000)
2026 storting € 911
2027 Storting € 964
2028 Storting € 1.328
2029 Storting € 1.369

Gemeente Woerden heeft gekozen voor een grotere stijging van de rioolheffing tot 2029, zodat de stijging van de rioolheffing daarna geleidelijk af kan bouwen. Uiteindelijk is de doelstelling dat de rioolheffing nagenoeg gelijk kan blijven. Het gevolg hiervan is dat de Voorziening riolering fors toeneemt om latere investeringen te dekken.

C. Rechten

Terug naar navigatie - Paragraaf 1 Lokale heffingen - C. Rechten

In de onderstaande tabellen is voor de verschillende rechten opgenomen wat de begrote baten en lasten zijn en wat de kostendekkendheid is. Nagestreefd wordt een kostendekkendheidsgraad van 100%. Zichtbaar is dat dit voor een aantal tarieven nog niet is gerealiseerd.

Ad 1 Leges burgerzaken
Onder de naam ‘leges’ wordt een aantal verschillende rechten geheven ‘ter zake van het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten’. Sommige leges zijn niet voor 100% kostendekkend omdat er voorgeschreven wettelijke tarieven zijn (voorbeelden: uittreksels burgerlijke stand, reisdocumenten en rijbewijzen).

Taak- Omschrijving Begroting Begroting Rekening
veld (Bedragen x € 1.000) 2027 2026 2025
Lasten
0.2 Burgerzaken 1.357 1.435 1.345
0.4 Overhead 403 433 480
Totale lasten 1.760 1.606 1.865
0.2 Baten 1.142 969 1.358
Saldo -€ 618 -€ 833 -€ 608
Kostendekkendheidsgraad 65% 53% 67%

Ad 2 Begrafenisrechten
Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats.

Taak- Omschrijving Begroting Begroting Rekening
veld (Bedragen x € 1.000) 2027 2026 2025
Lasten
7.5 Begraafplaatsen en crematoria 893 964 905
0.4 Overhead 265 265 232
Totale lasten 1.158 1.229 1.137
7.5 Baten 898 862 1.044
Saldo -€ 260 -€ 367 -€ 93
Kostendekkendheidsgraad 78% 70% 92%

Ad 3 Marktgelden
Onder de naam marktgelden wordt een recht geheven voor het innemen van een standplaats (warenmarkt, streekmarkt en Koeiemart).

Taak- Omschrijving Begroting Begroting Rekening
veld (Bedragen x € 1.000) 2027 2026 2025
Lasten
3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen 168 208 110
3.4 Economische promotie 129 195 218
0.4 Overhead 64 107 54
Totale lasten 361 510 382
Baten
3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen 68 95 66
3.4 Economische promotie 59 63 62
Totale baten 127 158 128
Saldo -€ 234 -€ 352 -€ 254
Kostendekkendheidsgraad 35% 31% 34%

Ad 4 Havengelden
Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het innemen van een ligplaats met een vaartuig in (een deel van) het openbaar vaarwater van de gemeente Woerden.

Door de renovatie van de oevers in de Singel en het plaatsen van clusters waar vaartuigen met een vergunning kunnen aanmeren, is de exploitatie aanzienlijk verbeterd. Met name door het clusteren van ligplaatsen hebben meer bootbezitters een vergunning gekregen. Inmiddels is de bezettingsgraad 100% en is er een wachtlijst voor het krijgen van een ligplaats.

Taak- Omschrijving Begroting Begroting Rekening
veld (Bedragen x € 1.000) 2027 2026 2025
Lasten
2.4 Economische havens en waterwegen 23 29 37
0.4 Overhead 5 9 13
Toegerekende kapitaallasten investeringen opknappen haven (2014) 45 45 45
Totale lasten 73 83 95
2.4 Baten 72 72 73
Saldo -€ 1 -€ 11 -€ 22
Kostendekkendheidsgraad 99% 87% 77%

De kostendekkendheid is in werkelijkheid iets lager dan zichtbaar in bovenstaande tabel. Dat wordt veroorzaakt doordat een deel van de lasten van de haven op andere exploitatieposten wordt geboekt en hierdoor niet zichtbaar zijn in dit overzicht (zoals kosten BOA's, kosten onderhoud beschoeiingen en baggeren). 

Ad 5 Omgevingsvergunningen
Met een omgevingsvergunning kan de overheid toestemming verlenen om één of meer activiteiten in de fysieke leefomgeving uit te voeren. 

Taak- Omschrijving Begroting Begroting Rekening
veld (Bedragen x € 1.000) 2027 2026 2025
Lasten
1.2 Openbare orde en veiligheid 7 7 0
8.3 Wonen en bouwen (loonkosten) 1.396 1.954 2.218
8.3 Wonen en bouwen (overige kosten) 437 385 557
0.4 Overhead 838 1.193 1.018
Totale lasten 2.678 3.539 3.793
Baten
1.2 Openbare orde en veiligheid 36 35 20
8.3 Wonen en bouwen 1.887 1.760 1.312
Totale baten 1.923 1.795 1.332
Saldo € -755 € -1.744 € -2.461
Kostendekkendheidsgraad 72% 51% 35%

D. Vergelijking met andere gemeenten

Terug naar navigatie - Paragraaf 1 Lokale heffingen - D. Vergelijking met andere gemeenten
Belastingsoort 2027 Woerden Oudewater Bodegraven- Montfoort De Ronde
Reeuwijk Venen
OZB woningen 0,1053% 0,1077% 0,1123% 0,1003% 0,0721%
OZB niet-woningen 0,6906% 0,6388% 0,6846% 0,6816% 0,5007%
Afvalstoffenheffing
Eenpersoonshuish. € 300 € 272 € 290 € 262 € 295
Meerpersoonshuish. € 375 € 328 € 356 € 428 € 396
Rioolheffing € 363 € 484 € 385 € 335 € 258
*geel betreft oude gegevens.