Uitgaven

5,18%
€ 10.618
x €1.000
5,18% Complete

Inkomsten

1,11%
€ 2.271
x €1.000
1,11% Complete

Saldo

4924,1%
€ -8.347
x €1.000

Programma 4. Cultuur, Economie, Recreatie & toerisme, Energietransitie

Uitgaven

5,18%
€ 10.618
x €1.000
5,18% Complete

Inkomsten

1,11%
€ 2.271
x €1.000
1,11% Complete

Saldo

4924,1%
€ -8.347
x €1.000

Totalen per programma

Terug naar navigatie - Programma 4. Cultuur, Economie, Recreatie & toerisme, Energietransitie - Totalen per programma
Omschrijving (Bedragen x € 1.000) Taakveld 2026 2027 2028 2029 Voor- of nadeel
Afwijkingen lasten -1.023 -779 -779 -809 Nadeel
Afwijkingen baten -670 -839 -839 -839 Nadeel
Saldo -1.693 -1.618 -1.618 -1.648 Nadeel
Omschrijving Taakveld 2026 2027 2028 2029 Voor- of nadeel
Stortingen reserves 0 0 0 0
Onttrekkingen reserves 75 0 0 0 Voordeel
Saldo 75 0 0 0 Voordeel
Specificatie lasten & baten:
Omschrijving - mutaties lasten Taakveld 2026 2027 2028 2029 Voor- of nadeel
1 ODU 7.4 -21 -21 -21 -21 Nadeel
2 Tijdelijk depot Stadsmuseum 5.4 -85 -10 -10 -10 Nadeel
3 Bedrijfsinvesteringszone vastgoed Binnenstad 3.3 -50 -50 -50 -50 Nadeel
4 Woerden Marketing 5.7 -14 -14 -14 -14 Nadeel
5 Budgettaire neutrale mutaties programma 4 (zie bijlage I) 3.3/4.3/5.6/5.7/7.4 -853 -684 -684 -714 Nadeel
Totaal mutaties - lasten -1.023 -779 -779 -809 Nadeel
Omschrijving - mutaties baten Taakveld 2026 2027 2028 2029 Voor- of nadeel
1 Bijdrage BIZ 3.3 50 50 50 50 Voordeel
2 Budgettaire neutrale mutaties programma 4 (zie bijlage I) 3.3/7.4 -720 -889 -889 -889 Nadeel
Totaal mutaties - baten -670 -839 -839 -839 Nadeel
Specificatie reserves:
Stortingen Reserves Taakveld 2026 2027 2028 2029 Voor- of nadeel
-
Totaal stortingen Reserves 0 0 0 0
Onttrekkingen Reserves Taakveld 2026 2027 2028 2029 Voor- of nadeel
1 Algemene Reserve - Tijdelijk depot Stadsmuseum 7.1 75 0 0 0 Voordeel
Totaal onttrekkingen Reserves 75 0 0 0 Voordeel

Toelichting

Terug naar navigatie - Programma 4. Cultuur, Economie, Recreatie & toerisme, Energietransitie - Toelichting

Lasten

1.       Omgevingsdienst Utrecht (ODU)
Betreft bijstelling begroting 2026 ODU. Bij het opstellen van de begroting 2026 is uitgegaan van de voorlopige opgave van de urenafname van de deelnemers uit het voorjaar 2025. Inmiddels zijn de uitvoeringsplannen met bijbehorende dienstverleningsovereenkomsten 2026 definitief, waardoor het aantal uur dat de deelnemers afnemen is gewijzigd. Dit heeft effect op de verdeling van de vaste bijdrage van alle deelnemers. Ook is de verdeling van de uren over de taakvelden nu duidelijk. Dit heeft effect op de baten per taakveld.

2.       Tijdelijk depot Stadsmuseum
Het depot van het Stadsmuseum moet noodgedwongen verplaatst worden naar een andere tijdelijke locatie. De verhuurder van de huidige locatie heeft de huur opgezegd en heeft verzocht om op korte termijn het pand te verlaten. Er is een alternatieve tijdelijke locatie gevonden tot de realisatie van een definitief depot. Hiervoor zijn aanvullende middelen nodig voor eenmalige verbouwingskosten (€ 75K) en jaarlijkse huur (€ 10K) van de ruimte.

3.       Bedrijfsinvesteringszone vastgoed Binnenstad
Een bedrijfsinvesteringszone biedt de mogelijkheid om op een georganiseerde en duurzame manier te investeren in de openbare ruimte, veiligheid, uitstraling en economische vitaliteit van het centrum. In het centrum van Woerden is al enige jaren de BIZ Stadshart actief. Dit betreft een BIZ voor ondernemers in het centrum van Woerden. We willen werken aan een juridische basis voor het oprichten van een BIZ voor de vastgoedondernemers in de binnenstad van Woerden. De vraag vanuit de vastgoedondernemers om een BIZ op te richten komt voort uit de wens om gezamenlijk met het BIZ Stadshart en de gemeente een centrummanagementorganisatie op te richten. De hiermee samenhangende uitgaven worden gedekt uit de bijdrage van de BIZ.

4.       Woerden Marketing
Dit betreft herstelindexatie voor Woerden Marketing. Binnen programma 7 is een stelpost voor autonome ontwikkelingen opgenomen. De extra kosten worden uit deze stelpost gedekt.

Baten

1.       Bedrijfsinvesteringszone vastgoed Binnenstad
Betreft de bijdrage BIZ. Zie toelichting onder punt 3.

Opgave: Kunst en cultuur, Recreatie en toerisme

Maatschappelijk effect

Terug naar navigatie - Opgave: Kunst en cultuur, Recreatie en toerisme - Maatschappelijk effect

4.1 Cultuurbeleid draagt bij aan een levendige stad, versterkt de sociale basis, stimuleert cultuurparticipatie omwille van positieve gezondheid van inwoners door toegankelijkheid te bevorderen en ondersteunt activiteiten/evenementen om een vitale binnenstadseconomie te versterken en het vestigingsklimaat voor nieuwe inwoners en bedrijven positief te beïnvloeden.

Resultaat

Terug naar navigatie - Opgave: Kunst en cultuur, Recreatie en toerisme - Resultaat

4.1.1 In 2027 zijn culturele instellingen beter in staat om de stad levendiger, socialer en (economisch) aantrekkelijker te maken. Ook hebben we meer inzicht in de effecten van cultuurbeleid.

Terug naar navigatie - Opgave: Kunst en cultuur, Recreatie en toerisme - Resultaat - 4.1.1 In 2027 zijn culturele instellingen beter in staat om de stad levendiger, socialer en (economisch) aantrekkelijker te maken. Ook hebben we meer inzicht in de effecten van cultuurbeleid.

Kwaliteit (indicator)

G

Kwaliteit (toelichting)

4.1.2/6.4.2 Het voorzieningenniveau sluit aan op de schaalgrootte van onze inwoners en draagt bij aan de realisatie van onze doelen op de diverse domeinen.

Terug naar navigatie - Opgave: Kunst en cultuur, Recreatie en toerisme - Resultaat - 4.1.2/6.4.2 Het voorzieningenniveau sluit aan op de schaalgrootte van onze inwoners en draagt bij aan de realisatie van onze doelen op de diverse domeinen.

Kwaliteit (indicator)

G

Kwaliteit (toelichting)

4.1.3 De lokale omroep kan in 2027 de overgang maken naar de inwerkingtreding van de nieuwe mediawet. Vanaf 2028 loopt de financiering niet meer via de gemeente maar via het rijk.

Terug naar navigatie - Opgave: Kunst en cultuur, Recreatie en toerisme - Resultaat - 4.1.3 De lokale omroep kan in 2027 de overgang maken naar de inwerkingtreding van de nieuwe mediawet. Vanaf 2028 loopt de financiering niet meer via de gemeente maar via het rijk.

Kwaliteit (indicator)

G

Kwaliteit (toelichting)

4.1.4 We voldoen aan de zorgplicht ingevolge de nieuwe bibliotheekwet (WsoB) met ingang van 2027.

Terug naar navigatie - Opgave: Kunst en cultuur, Recreatie en toerisme - Resultaat - 4.1.4 We voldoen aan de zorgplicht ingevolge de nieuwe bibliotheekwet (WsoB) met ingang van 2027.

Kwaliteit (indicator)

-

Kwaliteit (toelichting)

In Q1 2026 is in navolging van de regionale fusie van de bibliotheekorganisatie, de regionale samenwerkingsovereenkomst Utrechtse Venen ondertekend tussen de 5 betrokken gemeenten en de Bibliotheek. Hierin zijn de uitgangspunten voor de samenwerking op de collectieve basisdienstverlening vastgelegd. In de komende maanden wordt gewerkt aan de uitwerking hiervan in meerjaren afspraken per gemeente en een gezamenlijk beleidsplan voor de regio met specifieke uitwerking van maatwerkbeleid per gemeente. Dit beleidsplan is onderdeel van de zorgplicht vanaf 2027. Gemeenten hebben tot 2028 de tijd om dit beleidsplan uit te werken. Dat loopt mooi samen op met de actualisatie van de MAG.

Opgave: Sterke economie

Maatschappelijk effect

Terug naar navigatie - Opgave: Sterke economie - Maatschappelijk effect

In de Najaarsrapportage 2025 en de Jaarrekening 2025 leest u over de voortgang op de resultaten en inspanningen binnen deze opgave. Voor 2026 is ervoor gekozen om niet langer in de doelenboom over deze doelen te rapporteren. In plaats daarvan wordt u geïnformeerd via onder andere de jaarlijkse voortgangsrapportage van het economisch actieplan. 

Opgave: Een duurzame toekomst (Energietransitie)

Resultaat

Terug naar navigatie - Opgave: Een duurzame toekomst (Energietransitie) - Resultaat

4.11.1 In 2030 zijn er 3500 gebouwen (weq) aardgasvrij.

Terug naar navigatie - Opgave: Een duurzame toekomst (Energietransitie) - Resultaat - 4.11.1 In 2030 zijn er 3500 gebouwen (weq) aardgasvrij.

Kwaliteit (indicator)

R

Kwaliteit (toelichting)

Dit aantal is niet haalbaar doordat warmtenetten niet in 2030 operationeel zullen zijn. Aardgasvrij op eigen initiatief gaat langzaam en ruimte daarvoor is voorlopig beperkt door netcongestie.
Er is extra inspanning nodig om de doelen te halen.

4.11.2 Het aardgasverbruik daalt tussen 2025 en 2030 met 25%.

Terug naar navigatie - Opgave: Een duurzame toekomst (Energietransitie) - Resultaat - 4.11.2 Het aardgasverbruik daalt tussen 2025 en 2030 met 25%.

Kwaliteit (indicator)

O

Kwaliteit (toelichting)

Energiebesparing en overschakelen op aardgasvrij door inwoners gaat nog te langzaam.

4.12.1 We wekken in 2030 76 tot 88 GWh duurzame elektriciteit op met grote windturbines en zonnevelden.

Terug naar navigatie - Opgave: Een duurzame toekomst (Energietransitie) - Resultaat - 4.12.1 We wekken in 2030 76 tot 88 GWh duurzame elektriciteit op met grote windturbines en zonnevelden.

Kwaliteit (indicator)

O

Kwaliteit (toelichting)

4.12.2 We wekken in 2030 42 tot 50 GWh duurzame elektriciteit op met middelgrote energieprojecten zoals zon op grote daken en gevels, kleine zonnevelden en erfmolens.

Terug naar navigatie - Opgave: Een duurzame toekomst (Energietransitie) - Resultaat - 4.12.2 We wekken in 2030 42 tot 50 GWh duurzame elektriciteit op met middelgrote energieprojecten zoals zon op grote daken en gevels, kleine zonnevelden en erfmolens.

Kwaliteit (indicator)

O

Kwaliteit (toelichting)

4.12.3 We stellen uiterlijk 2028 doelen op voor duurzame elektriciteitsopwek voor na 2030 en hoe we dat gaan realiseren.

Terug naar navigatie - Opgave: Een duurzame toekomst (Energietransitie) - Resultaat - 4.12.3 We stellen uiterlijk 2028 doelen op voor duurzame elektriciteitsopwek voor na 2030 en hoe we dat gaan realiseren.

Kwaliteit (indicator)

G

Kwaliteit (toelichting)

Er is een plan van aanpak opgesteld en er zijn verkennende gesprekken uitgezet in de regio.